11 september 2013

Hollandse Konik paarden in Letland.

fe1308_1037ba_©wildernisfoto naam (Small)

Hoe is het de Konik-paarden uit de Millingerwaard in Letland vergaan? Dat vroeg Fokko Erhart zich deze zomer af, toen hij op bezoek was in deze Baltische staat grenzend aan Rusland. De vraag bleek niet moeilijk te beantwoorden, want deze natuurpaardjes hebben de harten van vele Letten veroverd. Daar waar ze leven prijken ze op informatie borden, brochures of internet pagina’s. Bij de stad Jelgava, 50 kilometer buiten Riga, trof Fokko de eerste kudde. Hij sprak met de lokale beheerder Einars Nordmanis, die hem op de hoogte bracht van het laatste nieuws.

Transport en groei
Een snelle analyse van de berichten op internet leert dat er in de periode 1999 tot 2012 in totaal 336 Hollandse Konik-paarden naar Letland zijn verhuisd. Deze populatie heeft zich inmiddels bijna verdubbeld. De paarden leven verspreid over 28 gebieden. Tijdens zijn rondreis bezocht Fokko een aantal van deze gebieden. Bij de stad Jelgava aan de oever van de Lielupe rivier zijn in augustus 2007 16 Konik-paarden uit de Gelderse Poort aangekomen. Deze kudde heeft zich inmiddels uitgebreid tot 43 dieren dit jaar. Ook in het nabij gelegen Kemeri Nationaal park groeit de kudde gestaag. In 2005 zijn hier de eerste 12 paarden naar toe gebracht. Gevolgd door een groep van 21 in 2010, die de toen aanwezig kudde van 43 dieren kwam versterken. Momenteel lopen daar ruim 70 Konik-paarden.

Lage reproductie
De groei van de Letse kuddes gaat trouwens niet zonder slag of stoot. Aan het eind van de afgelopen winter (die ook voor Letse begrippen lang en koud was) zijn bij Jelgava 9 dieren overleden. De sterfte heeft plaats gevonden ondanks de 15.000 kg hooi die er is gevoerd. Het barre winterweer heeft ook zijn weerslag op de reproductie. Het totaal aantal veulens van dit jaar is blijven steken op 3. Niet in de laatste plaats, omdat de overleden dieren veelal dragende merries waren. Wolven hebben het eiland in de rivier nog niet bereikt, dus het effect daarvan is hier uitgesloten. In en rond het Kemeri Nationaal Park leeft een gezonde populatie wolven, dus hier kan er wel sprake van zijn dat er af en toe een paard ten prooi valt. Hoe groot het effect precies is, was moeilijk te achterhalen. Tijdens zijn bezoek telde Fokko daar 10 veulens van 2013 bij de groep van 70 paarden en 5 kalveren van 2013 op een totaal kudde van 35 runderen.
Een verschil met de situatie Nederlandse situatie in de Gelderse Poort, waar jaarlijks de kudde 25 tot 30% groeit. Wat overeenkomst met ca. 15 tot 20 veulens op een groep van 70 paarden.

fe1309_0183b_©wildernisfoto naam (Small)

Hoge dichtheden
Een snelle analyse van leert dat de dichtheden in Letland hoog zijn. Per dier is er in beide gebieden ongeveer 1,5 hectare beschikbaar en dat in een land waar de winters doorgaans strenger zijn dan in Nederland. In Letland kan in oktober al de eerste sneeuw vallen en is het land normaal gesproken van december tot februari bedekt met sneeuw, waarbij temperaturen tot -30oC normaal zijn. In de Gelderse Poort leert de ervaring dat bij 3 hectare per dier bijvoeren eigenlijk niet nodig is. De kritische grens om dieren zonder bijvoeren de winter te laten overleven ligt langs de Nederlandse rivieren rond de 2 hectare per dier.

Effect op vegetatie en vogels
Het grote succes van de Konik-paarden in Letland is onder andere te danken aan de effecten van hun gegraas op de vegetatie. Een vogelaar bij Liepaja (een havenstad in het zuidwesten) vertelde trots dat nadat de Hollandse paarden en runderen waren gekomen, het gebied een metamorfose had door gemaakt. Voor de komst was het gebied verruigd en stond het gewas 1,5 meter hoog. Slechts een enkel Paapje (dat is een tapuiten soort die algemeen voorkomt in Letland) broedde aan de oevers van het meer. Inmiddels is de vegetatie kort gegeten en zijn de weidevogels als Grutto, Kievit en Tureluur weer teruggekeerd. De planten gids leerde dat de kleine roze meelprimula’s, knolspirea en Siberische lis ook weer terug waren gekeerd. Einars vertelde dat hij maximaal 30 roepende mannetjes van de, op wereldschaal bedreigde, Kwartelkoning heeft geteld op het 70 hectare groot begrazingsgebied bij Jelgava. Het voorkomen van de Poelsnip, het grote broetje van de bij ons voorkomende Watersnip, prijkt op het informatie bord daar. Ja, daar moet je toch echt voor naar Letland, want in Nederland is deze soort in de afgelopen 20 jaar slechts 16 keer gezien!

fe1308_1014_©wildernisfoto naam (Small)

Bij de stad Jelgava zijn in augustus 2007 16 Konik-paarden uit de Gelderse Poort aangekomen.

Een vogelaar vertelde dat aan de oevers van het meer Liepaja de Hollandse paarden de vegetatie kort hadden gegraasd, waardoor verschillende soorten weide vogels waren terug gekeerd.

De kudde bij Jelkava heeft zich uitgebreid tot 43 dieren dit jaar. Hoewel de dieren bij elkaar lopen, zijn ze toch verdeeld in strikt gescheiden harems.
Bent u nieuwsgierig geworden naar de natuur inclusief Konik-paarden in Letland? Dan kunt u van 14 t/m 21 juni 2014 met Fokko mee op reis. Voor meer informatie: Fokko@wildernisfoto.nl

Fokko Erhart, 10 september 2013

Facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail

Geef een reactie